Wat te doen bij aanhouding?

Posted on: July 2nd, 2012 by admin No Comments

 

Mr G.J. van der Meer

Drummen & Van der Meer Advocaten

Herengracht 444

1017 BZ  Amsterdam

T: 020 625 20 20

M: 06 34 33 68 44

E: info@drummenvandermeer.nl

 

 

 

PROTOCOL AANHOUDING

Door: mr. Gerard van der Meer


RESUMÉ:

Aanhouding is mogelijk bij verdenking van enig strafbaar feit. De aan te houden persoon is niet verplicht de politie in de gelegenheid te stellen tot aanhouding over te gaan. (vluchten mag, verzetten niet). In verzekering stellen door de (hulp)officier van Justitie kan plaats vinden na aanhouding en ophouden voor onderzoek en bij verdenking.  De verdachte moet eerst gehoord worden.  De piketadvocaat wordt onmiddellijk op de hoogte gesteld. Een verdachte kan ook de eigen advocaat laten waarschuwen. De in verzekering stelling geldt voor max 3 dagen en kan max 1 keer worden verlengd met 3 dagen.

Leg nooit een verklaring af bij de politie zonder voorafgaand overleg met een advocaat. Een eenmaal afgelegde verklaring kan niet worden ingetrokken. Ook een verklaring waarop de verdachte later terugkomt kan door de rechter voor het bewijs worden gebruikt. Ook buiten een officiele verhoorsituatie om kan de politie door middel van een zogenaamd proces-verbaal van bevindingen verslag doen van hetgeen de verdachte verklaart tegenover de politie of derden. Dit kan zowel tijdens het transport als op of buiten het politiebureau plaatsvinden. Ook kan de politie verslag doen van hetgeen derden de verdachte hebben horen zeggen (‘verklaring van horen zeggen’) en kan verslag worden gedaan van gesprekken tussen verdachten en derden op of buiten het bureau al dan niet met behulp van afluisterapparatuur. Ook de telefoongesprekken van verdachte met derden worden afgeluisterd.

Vaak wordt het verhoor onderverdeeld in een sociaal verhoor en zakelijk verhoor. Ook het sociaal verhoor is een verhoor en het beantwoorden van vragen tijdens het sociaal verhoor wordt als een verklaring aangemerkt en kan voor het bewijs worden gebruikt. Tijdens het sociaal verhoor worden vaak (op subtiele wijze) vragen gesteld, die wel degelijk betrekking hebben op de verdenking.

Tijdens het verhoor worden verhoortechnieken toegepast – bijv. ‘good cop bad cop’, het bagataliseren van de zaak of juist ernstig maken van de zaak, het inspelen op emotie/onbreken van emotie bij verdachte, het laten vallen van lange stiltes, uitlachen of kwaad worden etc. – teneinde iemand te bewegen een veklaring af te laten leggen.

De verdachte heeft het recht de verklaring na afloop van het verhoor te lezen en zonodig te laten corrigeren (vaak wordt de verklaring van verdachte onjuist weergegeven en worden ontlastende gegevens niet in het verslag opgenomen). De verdachte is niet verplicht de verklaring te ondertekenen.

 

*    *    *   *

 

Aanhouding:

–       Verdenking van enig strafbaar feit

–       Door een ieder (i.g.v. heterdaad) althans de (hulp)officier van justitie/opsporingsambtenaar (buiten heterdaad)

–       Doel is overbrenging plaats van onderzoek/voorgeleiding aan de hulpofficier van justitie

–       Reden van aanhouding dient onverwijld in een taal die verstaan wordt te worden medegedeeld

–       De aan te houden persoon is niet verplicht de politie in de gelegenheid te stellen tot aanhouding over te gaan, maar dient slechts op het moment dat de aanhouding feitelijk wordt gerealiseerd deze te dulden (vluchten mag, verzetten tegen de aanhouding niet)

 

Ophouden voor onderzoek:

–       Na (rechtmatige) aanhouding en bij verdenking

–       Door (hulp)officier van justitie

–       Doel is onderzoek (verhoor, vaststellen identiteit, overig onderzoek incl. uitreiken mededelingen over strafzaak)

–       In geval van (problemen) vaststellen identiteit 1 keer verlenging (van 6 uren) mogelijk

 

Inverzekeringstelling:

–       Na aanhouding en ophouden voor onderzoek en bij verdenking

–       Door (hulp)officer van justitie

–       Doel is onderzoek (incl,. uitreiken mededelingen over strafzaak/onderzoek naar wenselijkheid vordering bevel voorlopige hechtenis)

–       In geval van verdenking van strafbaar feit waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten (feiten waarop 4 jaar gevangisstraf of meer staat, feiten vermeld in 67 lid 1 Sv en i.g.v. ontbreken vaste woon- of verblijfplaats in Nederland bij verdenking van misdrijf waarop gevangenisstraf staat).

–       De verdachte wordt voor de inverzekeringstelling verhoord

–       Het bevel inverzekeringstelling vermeldt het strafbare feit en wordt onverwijld aan de verdachte uitgereikt

–       Op verzoek van de verdachte dient de politie een familielid of huisgenoot z.s.m. op de hoogte te stellen van de insluiting (tenzij strafvorderlijke belangen zich hiertegen verzetten, i.g.v. van een niet ingezetene wordt i.e.g. de ambassade/consulaat geïnformeerd)

–       De (piket)advocaat wordt onverwijld geinformeerd of (alsnog) ingeschakeld

–       De reclassering wordt onverwijld geinformeerd

–       In geval van dringende noodzaak 1 keer verlenging (van 3 dagen) mogelijk

 

Termijnen vrijheidsberoving:

Ophouden voor onderzoek

–       6 uur na aanhouding (niet meegerekend 24.00 en 09.00, transporttijd en ontnuchtering etc.)

–       i.g.v. identificatie verdachte n.a.v. verdenking feit waarop geen gevangenisstraf staat mogelijkheid tot 1x verlenging max. 6 uren

Inverzekeringstelling

–       3 dagen vanaf moment bevel

–       bij dringende noodzakelijkheid mogelijkheid 1 x verlenging max.3 dagen (door ovj)

Voorgeleiding bij rechter-commissaris

–       3 dagen en 15 uren vanaf de feitelijke aanhouding.

 

Recht op rechtsbijstand:

–       voorafgaande aan het verhoor recht op consultatiebijstand

–       geen recht op verhoorbijstand  maar gelet op jurisprudentie EHRM indien verzocht in de praktijk vaak wel toegestaan

–       verdachte dient voorafgaande aan het eerste politieverhoor te worden gewezen op het recht op rechtsbijstand door een advocaat

–       verdachte kan afstand doen van recht op rechtsbijstand (tenzij sprake is van een categorie A-zaak (TGO-criteria, zaken met grote maatschappelijke impact/gevoelige zaken, sommige minderjarigenzaken)

–       ook bij afstand van recht op rechtsbijstand wordt bij inverzekeringstelling een advocaat ingeschakeld,

–       i.g.v. een dringend belang gelegen in de gezondheid of veiligheid van personen (bijv. gijzeling etc.) het niet toelaat de komst van de advocaat af te wachten kan na toestemming van de officier van justitie de politie besluiten het verhoor te beginnen.

 

Recht op voorkeursadvocaat:

–       verdachte heeft recht op een gekozen advocaat oftwel voorkeursadvocaat (indien niet een voorkeursadvocaat wordt opgegeven, wordt een dienstdoende piketadvocaat geïnformeerd)

–       de voorkeursadvocaat overlegt met de cliënt over de betaling (piketvergoeding door Raad voor Rechtsbijstand of door cliënt betaald (uurtarief/vast bedrag etc.).

 

Termijnen rechtsbijstand:

–       in het kader van de consultatiebijstand dient de advocaat cliënt in beginsel uiterlijk binnen 2 uren na ontvangst van de melding ‘aanhouding’ door de piketcentrale, te bezoeken,

–       in beginsel bestaat de gelegenheid dat cliënt en advocaat elkaar 30 minuten spreken

 

Rechten tijdens vrijheidsberoving:

–       De verdachte mag aan geen andere beperkingen worden onderworpen dan die in het belang van het onderzoek of in het belang van de orde volstrekt noodzakelijk zijn

–       In het kader van het recht op vrij verkeer tussen advocaat en cliënt heeft de verdachte het recht zijn advocaat te spreken/bellen

–       De politie heeft een zorgplicht ten aanzien van de aangehouden verdachte (bijv. medische bijstand) en personen die onder de hoede van de aangehouden personen staan of personen die direct van de aangehouden persoon afhankelijk zijn (bijv. kinderen, invaliden etc.). Ook belangen van derden kunnen een zorgplicht opleveren (bijvoorbeeld aanhouding van een arts die via de doktersdienst vervanging moet organiseren)

–       Op (uitdrukkelijk) verzoek van de verdachte dient de politie een huisgenoot of familielid te informeren over de insluiting Bij aanhouding van niet-ingezetenen dient  de politie ambtshalve de ambassade of het consulaat te worden geïnformeerd

–       De officier van justitie kan beperkingen opleggen met betrekking tot bezoek, telefoon, correspondentie, lectuur etc. (de verdachte kan hiertegen bezwaar indienen)

–       De opgehouden verdachte kan worden geconfronteerd met maatregelen in het belang van het onderzoek zoals het maken van foto’s, videos, het afknippen van (hoofd)haar, confrontatie etc.(in geval van een verdenking waarvoor voorlopige hechtenis mogelijk is door de (hulp)officier van justitie)

 

Het afleggen van een verklaring:

–       Leg nooit een verklaring af bij de politie zonder voorafgaand overleg met een advocaat.

–       Een eenmaal afgelegde verklaring kan niet worden ingetrokken. Ook een verklaring waarop de verdachte later terugkomt kan door de rechter voor het bewijs worden gebruikt.

–       Ook buiten een officiele verhoorsituatie om kan de politie door middel van een zogenaamd proces-verbaal van bevindingen verslag doen van hetgeen de verdachte verklaart tegenover de politie of derden. Dit kan zowel tijdens het transport als op of buiten het politiebureau plaatsvinden. Ook kan de politie verslag doen van hetgeen derden de verdachte hebben horen zeggen (‘verklaring van horen zeggen’) en kan verslag worden gedaan van gesprekken tussen verdachten en derden op of buiten het bureau al dan niet met behulp van afluisterapparatuur. Ook de telefoongesprekken van verdachte met derden worden afgeluisterd.

 

Het verhoor:

–       Bij aanvang van het verhoor wordt de cautie gegeven.

–       Vaak wordt het verhoor onderverdeeld in een sociaal verhoor en zakelijk verhoor. Ook het sociaal verhoor is een verhoor en het beantwoorden van vragen tijdens het sociaal verhoor wordt als een verklaring aangemerkt en kan voor het bewijs worden gebruikt.

–       Tijdens het sociaal verhoor worden vaak (op subtiele wijze) vragen gesteld, die wel degelijk betrekking hebben op de verdenking.

–       Het proces-verbaal van verhoor is een zogenaamde zakelijk weergave van het verhoor, hetgeen veelal betekent dat niet letterlijk verslag wordt gedaan van hetgeen is besproken tijdens het verhoor (geen transcript).

–       Door middel van de aanhouding en vrijheidsberoving van de verdachte in combinatie met de vraagstelling wordt de druk tijdens het verhoor opgevoerd.

–       Tijdens het verhoor worden verhoortechnieken toegepast – bijv. good cop bad cop, het bagataliseren van de zaak of juist ernstig maken van de zaak, het inspelen op emotie/onbreken van emotie bij verdachte, het laten vallen van lange stiltes, uitlachen of kwaad worden etc. – teneinde iemand te bewegen een verklaring af te laten leggen.

–       De verdachte heeft het recht de verklaring na afloop van het verhoor te lezen en zonodig te laten corrigeren (vaak wordt de verklaring van verdachte onjuist weergegeven en worden ontlastende gegevens niet in het verslag opgenomen).

–       De verdachte is niet verplicht de verklaring te ondertekenen.

 

Voorbereiding op aanhouding/opsporingsonderzoek:

–       Het verdient aanbeveling een in het strafrecht gespecialiseerde voorkeursadvocaat op te geven zodat de verdachte zeker is dat hij beschikt over een deskundige advocaat met wie een vertrouwensrelatie bestaat/kan worden opgebouwd.

–       Omdat strafrechtadvocaten veelal werken met een depot/voorschot is het verstandig een bepaald geldbedrag te reserveren, teneinde te voorkomen dat de gekozen advocaat de noodzakelijke werkzaamheden niet kan beginnen of moet staken.

–       Het is verstandig te beschikken over een contactpersoon die tevoren beschikt over de gegevens van de advocaat en die bij aanhouding contact kan opnemen met de advocaat en derden (familie, collega’s).

–       Leg documenten die betrekking hebben op de bedrijfsvoering klaar evenals documenten die betrekking hebben op persoonlijke omstandigheden (inkomen, gezondheid etc.).

 

Maak met anderen (collega’s, familie etc.) op voorhand een taakverdeling in geval van aanhouding etc., bespreek de mogelijke rechtspositie van een ieder  (eventueel zwijgrecht/verschoningrecht) en (proces)houding in het opsporingsonderzoek (bijv. in beginsel geen toestemming geven voor doorzoeking/inzage etc.)

 

 

 

©2017 VLOS